Renseigneringsverplichting en de IB-47

25 augustus 2021

De (verplichte) gegevensverstrekking aan de Belastingdienst ten aanzien van betalingen aan derden (IB-47) wordt deels vervangen door een renseigneringsverplichting. In dit artikel gaan wij nader in op deze zogenoemde renseigneringsverplichting en de aandachtspunten die wij voor de praktijk signaleren.

Renseigneringsverplichting per 2022 in de praktijk

Wat is de renseigneringsverplichting?

Zoals wij al eerder hebben vermeld, wordt de (verplichte) gegevensverstrekking voor u als organisatie aan de Belastingdienst ten aanzien van betalingen aan derden per 2022 uitgebreid. In dit artikel gaan wij nader in op deze verplichting en de aandachtspunten die wij voor de praktijk signaleren.

Waarom een renseigneringsverplichting?

De Belastingdienst heeft periodiek bepaalde gegevens en inlichtingen nodig ten behoeve van de (vooraf ingevulde) aangifte inkomstenbelasting. Om de (aangeleverde) informatie op een effectieve wijze te kunnen gebruiken en te kunnen koppelen aan een belastingplichtige, heeft de Belastingdienst het bsn nodig. Om het verplicht aanleveren van het bsn een wettelijke basis te geven, wordt per 2022 artikel 22a aan het Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 toegevoegd. De reeds bestaande periodieke renseignering van gegevens en inlichtingen uit het zogenoemde formulier IB-47 ten aanzien van betalingen aan derden (zonder bsn), wordt met deze renseigneringsverplichting uitgebreid. 

Welke betalingen vallen onder de renseigneringsverplichting?

De gegevens waar de nieuwe renseigneringsverplichting betrekking op hebben, zien op betalingen aan natuurlijke personen die naar verwachting tot belastbare inkomsten leiden die doorgaans tot het belastbare resultaat uit overige werkzaamheden behoren (dus geen loon of winst). Om dit te bewerkstelligen, zijn betalingen ten aanzien van bepaalde werkzaamheden en diensten uitgesloten van de verplichting (zie verderop in dit artikel). 

De renseigneringsverplichting gaat gelden voor twee groepen administratieplichtigen: 

  1. Inhoudingsplichtigen in de zin van de Wet op de loonbelasting 1964 die betalingen doen aan een natuurlijk persoon voor werkzaamheden en diensten die zijn verricht voor de inhoudingsplichtige zelf of een met de inhoudingsplichtige verbonden vennootschap;
  2. Collectieve beheersorganisaties (cbo’s). Dit zijn organisaties die namens een groep van rechthebbenden optreden om zonder winstoogmerk vergoedingen voor een auteursrecht of naburig recht te innen en onder die rechthebbenden te verdelen.

U als gemeente, provincie of andere overheidsinstelling valt onder categorie 1. Dit betekent als uitgangspunt dat u betalingen aan natuurlijke personen die betrekking hebben op werkzaamheden of diensten ten behoeve van uw organisatie of een verbonden vennootschap (tenminste 1/3 belang) jaarlijks moet melden aan de Belastingdienst. 

Welke betalingen vallen niet onder de renseigneringsverplichting?

De volgende betalingen vallen niet onder de renseigneringsverplichting:

  1. Betalingen die u op grond van de Wet op de loonbelasting 1964 middels de loonaangifte doorgeeft aan de Belastingdienst. Dit betreft in hoofdzaak betalingen aan werknemers (loon), artiesten of beroepssporters;
  2. Betalingen aan vrijwilligers die voldoen aan de vrijwilligersregeling;
  3. Betalingen voor werkzaamheden en diensten waarvoor een factuur is uitgereikt als bedoeld in de Wet op de omzetbelasting 1968 waarop de wettelijk verschuldigde omzetbelasting is vermeld. 
  4. Vergoedingen voor een auteursrecht of naburig recht aan erfgerechtigden.

In de praktijk zult u als overheidsinstelling in beginsel alleen te maken (kunnen) krijgen met de uitsluitingen 1, 2 en 3.

Wanneer gaat de renseigneringsverplichting in?

De nieuwe renseigneringsverplichting gaat in op 1 januari 2022 maar zal feitelijk voor het eerst in januari 2023 gaan plaatsvinden. 

De gegevens over een kalenderjaar moeten namelijk na afloop van het kalenderjaar en uiterlijk op 31 januari van het daaropvolgende kalenderjaar worden aangeleverd. 

Met deze (nieuwe) renseigneringsstroom wordt overigens niet het gehele proces van het reeds bestaande formulier IB-47 ondervangen. 

Het bestaande proces van het formulier IB-47 – dus zonder uitvraag van het bsn – blijft vooralsnog gehandhaafd voor uitbetalingen die niet onder deze nieuwe renseigneringsverplichting vallen.

Wat zijn aandachtspunten voor uw praktijk?

Voor uw praktijk is het van belang dat u tijdig uw proces inricht of uw reeds bestaande proces met betrekking tot het formulier IB-47 aanvult. 

Met ingang van 2022 dient u immers het bsn op te vragen van de natuurlijke personen waarvoor u gehouden bent de gegevens omtrent betalingen aan te leveren aan de Belastingdienst. 

Voor overheidsinstellingen kunnen dit onder andere zijn: commissieleden, raadsleden die niet kiezen voor opting-in, stembureauleden, vrijwilligers die meer ontvangen dan op grond van de fiscale vrijwilligersregeling is toegestaan, een ingehuurde spreker of docent etc.

In uw administratie moet u allereerst alle betalingen aan natuurlijke personen inzichtelijk kunnen maken (bronbestand). 
Vervolgens is het zaak de betalingen die specifiek zijn uitgezonderd uit het bronbestand te filteren zodat alleen de betalingen over blijven waarvoor de renseigneringsverplichting geldt. De ervaring leert dat het inregelen van een dergelijk proces tijd kost.

Als specifiek aandachtspunt geven wij u mee dat u uw administratie op een zodanige manier moet inrichten dat u hieruit eenvoudig kunt nagaan voor wie u de renseigneringsverplichting heeft en als dat niet zo is voor wie u nog wel de IB-47 moet indienen.

Remco Bosma
Specialist Loonheffingen en Sociale Verzekeringen, Expert DHT/TCF

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *